In Dynamics 365 Business Central zijn er twee manieren om productieactiviteiten te registreren. Je kunt de minder complexe assemblage-module (ook wel Productie Basis genoemd) gebruiken, of de uitgebreide productie-module inzetten.
Vaak krijgen we de vraag welke methode past bij welke situatie. Die keuze hangt sterk af van de gewenste functionaliteiten. In dit blog zetten we de verschillen helder naast elkaar.
De keuze tussen assemblage- en productie-module in Business Central telt vanwege verschillen in licentiekosten en gebruiksgemak. De assemblage-module zit in de voordeligere Essentials-licentie en is eenvoudig in te richten en te gebruiken — dat vereenvoudigt de implementatie. Je hebt artikelen en hun stuklijsten met de componenten die je nodig hebt om een artikel samen te stellen; artikelen kunnen ook als resources in de assemblagestuklijst staan.
De productie-module vraagt de duurdere Premium-licentie en richt zich op complexere productieprocessen. Toch biedt Business Central met het beleid “Op order assembleren” een efficiënte koppeling tussen verkoop- en assemblageorders. Assemblageorders ontstaan automatisch bij de verwerking van verkooporders, met inzicht in de voorraadstatus van onderdelen en picklijsten voor componenten. Ideaal voor sets of pakketten waarbij productielooptijd of capaciteit geen knelpunt is — in tegenstelling tot de complexere planning en capaciteitsbeheer in de productie-module.
De productie-module in Business Central biedt uitgebreide functionaliteit voor complexe productieprocessen. Kern zijn bewerkingsplannen en productiestuklijsten: daarin liggen de route en de benodigde componenten vast. Versiebeheer in bewerkingsplannen én productiestuklijsten maakt het mogelijk wijzigingen vooraf door te voeren en de historie inzichtelijk te houden. Zo plan en optimaliseer je productieprocessen efficiënt; artikelen kun je als component in een productiestuklijst opnemen.
Capaciteitsplanning van resources — zoals personeel en machines — is een ander belangrijk element. Resources zijn bewerkingsplaatsen en/of afdelingen in het productieproces. Je legt de werkelijk bestede tijd per bewerking vast en analyseert die. Dat geeft voortschrijdend inzicht en ruimte om te optimaliseren. Verder kun je onderhanden werk registreren voor langlopende productieorders en productieboekhouding uitgebreid configureren, inclusief materiaal- en capaciteitsverschillen.
Uniek aan de productie-module is de flexibiliteit in het boeken van materiaalverbruik, tijd en output: die kun je onafhankelijk van elkaar registreren. Materiaalverbruik boek je automatisch of gekoppeld aan specifieke productiestappen. Uitbesteding van productiestappen aan externe leveranciers via inkooporders is mogelijk, net als het beheer van afval en uitval. Met productiefamilies werk je op basis van gezamenlijke bewerkingsplannen voor meervoudige output — dat brengt flexibiliteit en efficiëntie in het proces.
Met deze overeenkomsten en verschillen kies je gerichter welke module past bij jouw behoeften en budget.
Evalueer de specifieke behoeften van jouw bedrijf. Volstaan eenvoudige assemblageactiviteiten en is kostenbeheersing een prioriteit, dan kan assemblage de juiste keuze zijn.
Heb je meer controle, planning en inzicht in productieprocessen nodig, dan is de productie-module vaak de betere optie — ondanks hogere licentiekosten.
Een combinatie van beide modules is ook mogelijk, afhankelijk van jouw situatie. Streef in beide gevallen naar eenvoud: meer tijd aan productie, minder aan administratie.